Interview met specialist Annetje Bootsma over zorg voor ouders

“Met een beetje inzicht is veel mogelijk”

Steeds meer zorgbehoevenden en steeds minder zorgprofessionals, dat is het vooruitzicht de komende jaren. Met deze voorspelling wordt de druk op kinderen steeds groter. Zorgen voor je ouders, of zorg krijgen van je kinderen, gaat niet altijd zonder slag of stoot. In haar praktijk denkt specialist ouderengeneeskunde Annetje Bootsma met ouderen en hun kinderen mee: “Kinderen die het meest dichtbij staan, krijgen vaak het meest te verduren.”

Tekst Marije Remmelink

Zorg voor je ouders (of zorg door je kinderen) krijgt steeds meer aandacht. Waarom is dit zo’n belangrijk onderwerp?

“Vaak rol je er in – opeens of geleidelijk – zonder ervoor te kiezen. Het overkomt je. Als je weet hoe de zorgwereld werkt, begrijpt wat er om je heen gebeurt, wat je kan verwachten, scheelt dat enorm. Ook is het belangrijk te zorgen dat je jezelf niet verliest. Eigenlijk is dat een vorm van preventie. Door mensen te informeren kunnen ze vooraf beslissingen maken of alert zijn en worden ze minder door de situatie overvallen.”

Gezien de ontwikkelingen, zoals dubbele vergrijzing en minder zorgprofessionals, gaat de (ouderen)zorg er de komende jaren heel anders uitzien.

“Je ziet op dit moment al veel veranderen. Zo zijn zorginstellingen al heel druk met het samenbrengen van formele en informele zorg en zijn verpleeghuizen door het tekort aan bedden steeds minder toegankelijk. De nadruk ligt op zelfstandig wonen met aanvullende thuiszorg en ondersteuning. De specialist ouderengeneeskunde krijgt een grotere rol in de ondersteuning van de huisarts en de zorgbehoevende en diens omgeving houdt meer verantwoordelijkheid.”

Welke gevolgen hebben deze ontwikkelingen over pakweg tien jaar?

“Je krijgt dan een grotere tweedeling tussen mensen die zelf extra zorg kunnen inkopen en mensen die dat niet kunnen. En mensen die om hulp durven te vragen en zij die dat niet durven, of niemand hebben om hulp aan te vragen. We zullen veel meer schrijnende situaties moeten verdragen. Ik vrees dat veel mensen teleurgesteld gaan zijn, omdat zal blijken dat de verzorgingsstaat veel minder verzorgend is dan we gewend zijn.”

En wat verandert er voor en door mensen die te maken hebben met zorg voor ouders?

“We hebben het altijd over dat er in de toekomst minder mantelzorgers en minder zorgprofessionals zijn. Maar vergeet niet dat er heel veel fitte 65-plussers zijn straks, zij kunnen inspringen. Er zijn minder zorgprofessionals, die de zorg kunnen overnemen. Er is meer hulp nodig, maar ook beschikbaar van kinderen, van de partner, van familie of buren. Het anticiperen op ouderdom door lid te zijn van verenigingen of coöperaties in de buurt wordt belangrijk. Ouderen zullen meer voor elkaar moeten zorgen. Ook de gemeente, middenstand en woningbouw kunnen zich aanpassen en wijken bijvoorbeeld meer dementievriendelijk maken.”

Wat zijn de eerste tekenen dat een ouder iemand mogelijk meer ondersteuning nodig heeft?

“Het is niet altijd zo duidelijk te zien, maar waar je alert op kunt zijn, is achteruitgang in geheugen en denkvermogen of gedragsverandering. Soms zie je dat er oud zeer naar boven komt en dat het niet meer lukt dat te verbergen of compenseren. Neem je eigen gevoel serieus als iets ‘niet pluis’ voelt. Als partner zie je soms een ander beeld dan de zoon die op de koffie komt, of een ander beeld dan de huisarts ziet in de setting van een afspraak op de praktijk. Geef duidelijke voorbeelden waarom je je zorgen maakt en ga daarmee naar de huisarts. Dan kan je na een half jaar samen evalueren hoe het verloopt.” 

Zodra kinderen voor hun ouders gaan zorgen, worden de ‘natuurlijke rollen’ omgedraaid. Dat kan spanningen opleveren in de relatie tussen ouder en kind.

“Dat klopt. En wat je ook vaak ziet is dat het kind dat het meest zorgt, daar van de ouder de minste waardering voor krijgt. En het kind dat eens per maand langskomt krijgt alle lof. Dat is omdat het kind dat het meest zorgt, het meest dichtbij staat en daardoor het meest confronteert. Veel ouderen die zorgbehoevend zijn hebben te maken met verlies. Zoals verlies van eigenwaarde, autonomie, zelfstandigheid en geheugen. En natuurlijk ook het verlies van de mensen om je heen. Rouw gaat gepaard met emoties en wisselend gedrag. Bij mensen met dementie of een beschadigd brein hoeft er maar dit te gebeuren en ze worden getriggerd en kunnen boos of angstig worden. Zulk gedrag wordt vaker geuit naar mensen die dichtbij ze staan. Dan heb je ook nog de groep kinderen die als jongere voor hun ouder met psychische problemen of een ingewikkeld karakter hebben gezorgd. Op het moment dat zij eindelijk ‘vrij’ zijn, moeten ze weer voor hun ouder zorgen. Vaak zie je dat oud zeer dan weer gaat opspelen en patronen zich herhalen. Als het ene kind gaat zorgen en het andere kind afstand houdt, kunnen daar enorme conflicten uit voortkomen. Als professional vind ik dat je kinderen van ouders met psychische problemen moet beschermen en de ruimte moet geven om minder betrokken te zijn.”

Waar kunnen mensen in een dergelijke situatie terecht?

“Zoals gezegd, het is belangrijk om een melding te maken bij de huisarts. Die mag kinderen geen informatie geven, maar je kunt er als kind wel een melding doen. Soms kun je met je problemen bij een praktijkondersteuner bij de huisarts terecht. Bij thuisarts.nl en bij dementie.nl vind je heel veel informatie. Maar als de persoon in kwestie weigert om naar een huisarts te gaan of toestemming geeft om het de huisarts te overleggen, dan is er geen verzekerde zorg die helpt. In mijn praktijk denk ik mee met mensen die in zo’n ingewikkelde situatie zitten. Ik hoop dan te kunnen bereiken dat de familie toch de huisarts of een specialist ouderengeneeskunde kan inschakelen.”

Heeft u tips hoe mensen zich kunnen voorbereiden op ‘leeftijdsgerelateerde aandoeningen’?

“Vooral dementie is een groeiend probleem. Als je dat eenmaal hebt, is er weinig aan te doen. Uit onderzoek van medisch tijdschrift The Lancet blijkt dat 40 procent van de gevallen is te voorkomen met een goede leefstijl. Dat is eigenlijk de allerbelangrijkste aanbeveling voor het voorkomen van dementie. Dus bewegen en gezond eten en doelen blijven stellen, ook als het moeizamer gaat. Daarnaast is het slim om te investeren in sociale en financiële reserves voor je oude dag. En als je dan te maken krijgt met veranderingen en verlies, zorg dan dat je deelt met de mensen om je heen wat je meemaakt en wat dat met je doet.”

Bootsma’s tips voor verzorgende kinderen:

  • Zorg goed voor jezelf en blijf doen waar jij zelf blij van wordt
  • Beloof niet te veel. Duidelijkheid is fijn voor beide partijen
  • De situatie is misschien niet ideaal, leer om het suboptimale te verdragen
  • Doorleef en bespreek emoties en moeilijkheden waar je mee te maken krijgt

Meer over Annetje Bootsma

Annetje Bootsma
Bron: Foto Babs van Geel
Bron: Foto Babs van Geel

Annetje Bootsma is specialist ouderengeneeskunde en werkt in de GGZ. Daarnaast heeft zij  een eigen praktijk in Amsterdam. Daar helpt ze mensen met problemen rondom ouder worden, dementie, geheugen en gedrag. “Deze problemen zijn vaak ingewikkeld, maar met een beetje inzicht en moeite is er veel mogelijk. En soms geeft het ook rust te weten dat er geen oplossingen zijn.” 

Specialist ouderengeneeskunde Annetje Bootsma
Bron: Foto Babs van Geel