Hoe benut ik de ouderenkorting in de heffingskorting zo gunstig mogelijk?

Heffingskorting

Via de heffingskortingen krijgt u een korting op de verschuldigde belasting. Ontvangt u AOW, dan komt u in aanmerking voor de ouderenkorting in de heffingskorting. Die is € 1.596, - voor AOW-ers met een verzamelinkomen tot € 36.783. Is dat verzamelinkomen hoger, dan gaat de ouderenkorting stapsgewijs omlaag. Is het verzamelinkomen tussen € 36.783 en € 47.423, dan gaat korting omlaag met 15% van het vastgestelde verzamelinkomen minus € 36.783. Dat klinkt ingewikkeld, dus daarom een voorbeeld:

Uw verzamelinkomen is € 40.000. Dat is € 3.217 meer dan de grens van € 36.783. Uw ouderenkorting gaat omlaag met 15% van € 3.217 = € 482. Uw ouderenkorting wordt dan € 1.114.

Is uw verzamelinkomen iets hoger dan € 36.783, -? Heeft u een fiscaal partner? En zit in uw verzamelinkomen belast vermogen? Lees dan verder. U kunt namelijk door het schuiven met het vermogen naar uw fiscaal partner voor de volledige ouderenkorting in aanmerking komen.

Voorbeeld ouderenkorting

Uw verzamelinkomen is € 40.000, -. Hierin zit € 5.000, - voordeel uit sparen en beleggen ('Box 3'). Op basis van dit inkomen is uw ouderenkorting in de heffingskorting € 1.114, -. Door het voordeel uit sparen en beleggen volledig aan uw fiscaal partner toe te delen, wordt uw verzamelinkomen in de nieuwe situatie € 35.000, -. Dat betekent een ouderenkorting van € 1.596, -. Dat levert u dus een voordeel van € 482, - op.

Als uw partner overigens een inkomen heeft dat net onder die grens zit, heeft het verschuiven van het vermogen geen zin. Uw partner zou dan juist een lagere ouderenkorting krijgen.

Naar overzicht

Geen antwoord gevonden op uw vraag?

Alleen voor leden van ANBO. Ook profiteren van deze voordelen?

Lid worden