22 augustus 2018

Overheid wil te veel van ouderen

De overheid wil te veel van ouderen: ze moeten én langer thuis blijven wonen, én daarvoor investeren in hun woning én nog eens investeren in verduurzamen van hun huis. Dat is te veel gevraagd en de overheid zou er goed aan doen om alle beleidsdoelen meer in samenhang te bekijken, want een grote groep ouderen komt zo in de problemen. Dat schrijft het Planbureau voor de Leefomgeving in een rapportage onder de – met een knipoog naar Koot en Bie – speelse kop 'Krasse knarren kúnnen kraken’. "Een goed verhaal", zegt directeur-bestuurder van ANBO, Liane den Haan. "De overheid moet niet alleen beter in de gaten houden wat je van ouderen kunt vragen, maar ook nadenken wat de impact is van een veranderende bevolking. Samenhangend beleid op wonen, wijken en welzijn is cruciaal voor een goede oude dag."

Zelfredzaamheid kraakt

Ook de auteurs onderstrepen het belang van een goed samenhangend beleid: twee op de vijf burgers is de vijftig gepasseerd en een op de vijf inmiddels ook de 65 jaar. De overheid doet, om de voorzieningen betaalbaar te houden steeds meer een beroep op de zelfredzaamheid van ouderen. Maar dat beleid heeft grenzen: "Dan kan het dat een groeiende groep krasse knarren niet langer buigt maar kraakt." Het planbureau constateert dat langer thuis blijven wonen ook een wens van de meeste ouderen zelf is. De auteurs vinden, net als ANBO, dat er nog te weinig aandacht is voor de leefomgeving. Driekwart van de gezonde ouderen woont in een omgeving die, wanneer men minder mobiel wordt, niet zonder meer geschikt is. Geschikt is volgens het rapport een omgeving waarin tenminste drie van de vier voorzieningen supermarkt, apotheek, huisarts en OV-halte aanwezig zijn. Die voorzieningen zijn te meer belangrijk omdat de sociale netwerken op oudere leeftijd brozer worden, zeker ook omdat het aantal kinderen kleiner wordt.

Financiering gaat niet zomaar

Het financieren van de woningaanpassing is minder makkelijk dan het lijkt, zegt het planbureau. Aanpassingen hoeven op zich niet duur te zijn: in de meest gevallen kosten die minder dan 10.000 euro. Echter: voor een derde tot de helft van de ouderen is dat al hun spaargeld. "Dit lijkt niet erg verantwoord."
De schrijvers constateren dat er tegelijk een financiële druk ontstaat om huizen te verduurzamen. En dat wordt een probleem, want het geld kan maar één keer worden uitgegeven. Als de overheid wil dat mensen langer thuis blijven wonen, kan daar de verduurzaming niet nog eens bij. De gedachte is dat ouderen met inkomen en vermogen zelf best het een en ander kunnen dragen, schrijft het planbureau, "maar het idee dat veel ouderen genoeg vermogen hebben om alles aan de eigen woning aan te passen, dient sterk te worden genuanceerd." Los van het aanpassen van de woning ziet ANBO ook een groeiende behoefte aan andere woonvormen, zoals meer gezamenlijk wonen. 

Lees het hele rapport 'Krasse knarren kunnen kraken'

Lees de analyse van Trouw

Wonen