18 juni 2013

'Eindrapport Van Dijkhuizen deels positief'

Het Nederlandse belastingstelsel is toe aan fundamentele wijzigingen. Dat was al bekend door het interim-rapport van de commissie Van Dijkhuizen, maar vandaag is het eindrapport, met enkele aanvullingen en verbeteringen, verschenen. De commissie Van Dijkhuizen heeft in opdracht van de regering de mogelijkheden van een nieuw belastingstelsel onderzocht. Het kabinet, in de persoon van staatssecretaris Weekers van Financiën, beslist in hoeverre deze hervormingen ook daadwerkelijk worden uitgevoerd. ANBO is deels positief over het rapport, hoewel enkele kritische kanttekeningen uit het conceptrapport niet opgelost zijn. Door de veelheid van voorstellen worden ze hieronder apart benoemd.

Box 1: inkomen uit arbeid of uitgesteld loon (AOW en pensioen)

De commissie wil de vier huidige belastingtarieven in de inkomstenbelasting vervangen door twee tarieven van 37 procent en 49 procent. Bijna 12 miljoen mensen, ofwel 93 procent van het aantal belastingplichtigen, vallen dan onder het laagste belastingtarief. Voor ANBO blijft daarmee een belangrijke vraag onbeantwoord: wat is het effect van het voorstel voor mensen met een laag inkomen (zoals 65-plussers met enkel AOW, of mensen met een minimumloon), van wie het inkomen nu tegen het laagste tarief van 19,1 procent wordt belast? Als zij ook onder onder het belastingtarief van 37 procent vallen, krijgen ze een forse financiële tegenslag te verwerken. Deze tegenslag wordt verzacht door hogere heffingskortingen. Die hogere heffingskortingen zullen niet voldoende compensatie geven. Daarbij komt dat het voorstel vooral tot gevolg dat het belastingsysteem voor mensen met een laag inkomen eerder ingewikkelder wordt, dan de vereenvoudiging die Van Dijkhuizen beoogde. ANBO is wel blij dat er duidelijkheid is hierover, omdat deze inkomensgevolgen nog onbeantwoord waren in het interim-rapport, maar we zijn niet gelukkig met de gevolgen.

De hypotheekrentesaftrek wordt volgens het voorstel in eerste instantie beperkt tot 30 procent.

Box 2: winst uit aanmerkelijk belang

Deze box is slechts van toepassing op een enkeling. Wij laten de wijzigingen hierin verder buiten beschouwing. Het volledige rapport is te lezen op: rijksoverheid.nl

Box 3: inkomsten uit vermogen

In het huidige belastingstelsel waardeert de Belastingdienst uw voordeel uit het vermogen (spaargeld en/of beleggingen) tegen een vast rendement van 4 procent. Bij de introductie van dit systeem in 2001 was dit een realistisch tarief; inmiddels al geruime tijd niet meer. Van Dijkhuijzen stelt voor om dit vaste rendement in overeenstemming te brengen met de realiteit. Daarbij wil men uitgaan van een rentegemiddelde van vijf jaar op ‘gewone’ spaarrekeningen. In vergelijking: zou een dergelijk systeem nu van toepassing zijn, dan zou het percentage dat de fiscus nu gebruikt 2,5 procent zijn, en volgend jaar 2,4 procent. Uiteraard is dit een gunstige ontwikkeling.

Minder gunstig is het advies om op termijn de ouderentoeslag in het heffingvrij vermogen (het deel van het vermogen waarover geen belasting betaald wordt) af te schaffen. Dit leidt tot een verhoging van het verzamelinkomen, en dat verzamelinkomen is de basis voor de berekening van bijvoorbeeld eigen bijdragen in de zorg. De inkomenseffecten van dit onderdeel moeten wat ANBO betreft daarom in een breder perspectief worden bezien.

Toeslagen

De commissie stelt een vereenvoudiging van het toeslagensysteem voor. ANBO juicht dat toe. Vereenvoudiging is hard nodig, zowel voor de burger als voor de overheid. De commissie gaat uit van een nieuw algemene toeslag, die zij het huishoudentoeslag noemt. Hierin worden de bestaande toeslagen, zoals zorg- en huurtoeslag, samengevoegd. Daarbij worden de voorwaarden voor het recht op toeslag gelijkgeschakeld. Van Dijkhuizen ziet hierin een mogelijkheid om het rondpompen van geld via toeslagen te beperken.

ANBO vindt het idee van harmonisatie een goed vertrekpunt, maar vindt wel dat de commissie niet ver genoeg doorpakt. Eerder heeft ANBO aangegeven dat er goede alternatieven zijn die het mogelijk maken om de zorgtoeslag, een jaarlijkse uitgave van zo'n 5 miljard, af te schaffen. Bijvoorbeeld door de basispremie te verlagen en idealiter inkomensafhankelijk te maken. Deze voorstellen zijn al aan het ministerie van Financiën voorgelegd.

Ook op het punt van harmoniseren van de inkomstenbelasting en toeslagen laat de commissie in onze ogen een kans op vereenvoudiging liggen, die bovendien fraude met toeslagen vrijwel uitsluit. Anders dan ANBO voor ogen heeft, gaat de commissie nog steeds uit van het zelf aanvragen van een toeslag. Het recht op toeslag en de hoogte daarvan is namelijk primair afhankelijk van het verzamelinkomen. De fiscus is op de hoogte van dat inkomen door de jaarlijkse aangifte inkomstenbelasting, zodat zij op basis daarvan een toeslag kunnen toekennen. Praktisch gezien is het door bestandskoppeling mogelijk dat de fiscus de aanvullende voorwaarden voor de toeslag zelf beoordeelt.

BTW

De BTW gaat in het voorstel met twee procentpunt omhoog, naar 23 procent. De commissie gaat wat ANBO betreft te makkelijk voorbij aan de koopkrachteffecten en de betekenis daarvan voor de ontwikkeling van de Nederlandse economie. De overheid zou in ieder geval leergeld moeten trekken uit de gevolgen van de meest recente BTW-verhoging.

Fiscalisering AOW

In het concept-rapport werd al gesproken over het wegnemen van het verschil in belastingtarief tussen 65-plussers en 65-minners. Hiermee wordt gekozen voor een gedeeltelijke fiscalisering van de AOW, iets waar ANBO al geruime tijd voorstander van is. Echter, in het definitieve rapport lijkt het er vooral op dat 65-plussers, net als 65-minners, premie betalen. ANBO is kritisch: er kleven nadelen aan - leidt dit tot een inkomensachteruitgang bij gepensioneerden? En is het niet vooral nodeloos rondpompen van geld? - en de voordelen van fiscalisering blijven achterwege.

De AOW is nu een omslagstelsel, wat betekent dat de werkenden rechtstreeks de AOW voor de gepensioneerden betalen. Door het groeiend aantal AOW-gerechtigden moet de overheid nu al forse tekorten aanvullen vanuit de algemene middelen. In 2011 is dat tekort opgelopen tot bijna een kwart van de AOW-uitgaven. Senioren betalen dus nu al via deze rijksbijdrage mee aan de AOW. Volledige fiscalisering - waarbij werkenden en AOW-gerechtigden beiden belasting betalen in plaats van AOW-premie - verstevigt de houdbaarheid en is bovendien solidair omdat iedereen naar draagkracht bijdraagt. Dat is nu niet het geval.

Lees het rapport

De conclusies van de commissie Van Dijkhuizen zijn te vinden op rijksoverheid.nl

Inkomen