Goochelaar Hans Kazàn (65)

‘Ik stop pas met werken als ik in een kistje lig’

Goochelaar en presentator Hans Kazàn (65) is een zakenman met een goedlopend bedrijf. Maar cijfers en geld doen hem helemaal niets – het gaat hem om de liefde voor zijn vak. En voor zijn familie, want de levens van de Kazàns zijn aardig met elkaar vervlochten. “Van mijn familie wéét ik: wij zullen altijd voor elkaar opkomen.”

“Eigenlijk leid ik twee levens ineen. In Nederland ben ik Hans Kazàn en in Spanje zit ik in de bergen, in een houten blokhut met om het huis wat geiten en een moestuin. Spanje was altijd al onze favoriete vakantiebestemming. Toen ik een keer aan het einde van zo’n vakantie uit zee kwam lopen, dacht ik: ik heb helemaal geen zin om terug te gaan, waarom gaan we niet in Spanje wonen? De kinderen waren nog klein en iedereen in Nederland was bezorgd over hoe dat moest met onderwijs en vriendjes. Maar ik dacht alleen maar: ze hebben in Spanje toch ook scholen en kinderen om mee te spelen? We hebben geen seconde spijt gehad van onze beslissing. Nog steeds voelen we ons er erg thuis.”

Doorzagen

“Mijn zoons zijn in Nederland gaan studeren, maar op Steven na woont iedereen weer in Spanje. Oscar bijvoorbeeld, die na een half jaar Psychologie in Amsterdam stopte met zijn studie, hij vond het maar vaag. Daarna volgde hij een opleidingsprogramma bij een groot bedrijf. Hij liep in een strak pak, koffertje onder de arm. Opeens viel het kwartje: hij wilde liever een vrij beroep, optreden met een goochelshow. Toen hij dat vertelde, had hij zijn broer Renzo al gestrikt om mee te doen en Renzo’s vriendin Mara ook. Renzo had haar gevraagd: ‘Zou ik jou een keer mogen doorzagen?’ Ze vond het prima. Ik heb de kinderen wel meteen gewaarschuwd dat dit een van de moeilijkste beroepen is die je kunt bedenken. Tot het moment dat je je hoofd te ruste legt is het altijd onzeker en onrustig: je eet en slaapt nooit op dezelfde plek of op hetzelfde tijdstip. Dat weerhield Steven er niet van om ook het vak in te gaan als comedian. Alleen mijn dochter is iets anders gaan doen. Ze heeft tijdens de zwangerschappen van Mara voor haar ingevallen en deed het fantastisch. Maar ze wilde er niet in verder.”

Geen dubbele agenda's

“Het toverwoord in onze familie is harmonie. We hebben heel veel geluk dat ook de schoondochters en -zoon er zo goed bij passen. Iedereen helpt elkaar. Je moet je met je familie staande houden in deze wereld, zo zie ik dat. Soms zien we elkaar een tijd niet vanwege de drukke schema’s, maar toch zijn we er altijd voor elkaar. Het zijn de enige mensen waarvan ik wéét: wij zullen altijd voor elkaar opkomen. Er zijn geen dubbele agenda’s. Als je een aanvraag voor een optreden krijgt en zelf geen tijd hebt, dan speel je het verzoek door naar een ander. Ik heb het altijd normaal gevonden dat het zo goed gaat binnen onze familie. Maar ik besef ook dat het niet vanzelfsprekend is, dat het in veel families heel anders is. Ik hoop dat het bij ons nog heel lang zo blijft. We hoeven er gewoon niet voor te werken. Hetzelfde geldt voor mijn huwelijk: waarom is het met Wendy al ruim veertig jaar goed? We vinden dezelfde dingen leuk, misschien werkt het daarom wel. Oei, dat klinkt wel erg saai, haha. We belopen gewoon hetzelfde pad en hier en daar plukken we een ander bloempje, maar eigenlijk zijn we constant bij elkaar. Ze gaat ook mee als ik voor langere tijd weg moet voor werk. Dan kunnen we ’s avonds tenminste gezellig eten, wijntje erbij. Niets duurs, een pizza vinden we heerlijk, als we maar samen kunnen zijn.”

Stomverbaasd

“We zijn met niets begonnen toen we trouwden. Wat heb je nodig? Pannen, dacht ik, dus ging ik naar een warenhuis en kocht daar een set van vier in elkaar passende pannetjes. Daarna hadden we een huis nodig, maar we hadden geen geld. Het werd een zomerhuisje in Hellendoorn. Het was van twee oudere dames geweest, de een was overleden. De ander vroeg of we de tuin wilden bijhouden, de tuinspullen zou ze voor ons achterlaten. Toen we een week later langskwamen om erin te trekken, bleek dat ze niet alleen de harken en schoppen had laten staan, maar de héle inboedel. Een gevulde boekenkast, kleden, meubels, servies en zelfs lakens. Stomverbaasd waren we! Toen ik vroeg waarom ze alles weggaf, zei ze: ‘In een vorig leven waren wij getrouwd. Ik heb je slecht behandeld, dat wil ik goedmaken.’ Ik zei meteen dat ik daar niet in geloofde, in reïncarnatie. Ze zei: ‘Dat geeft niet, zo is het gewoon.’ Ineens hadden we een compleet huis. Dit verhaal kreeg nog een krankzinnig vervolg. Tien jaar later ging het beter met ons – ik verdiende inmiddels geld en we hadden een vervallen landhuis gekocht in Bathmen. Toen Wendy bij de kassa van de supermarkt stond, viel haar oog op een van de roddelbladen. ‘Hans Kazàn erft van ex-vrouw een groot landgoed’, stond er met dikke letters op de cover. Wie is die ex-vrouw?, dacht Wendy geschrokken. Ze nam het blad mee en thuis werd duidelijk dat er een paar verhalen door elkaar waren gaan lopen. We hebben er samen erg om gelachen.”

Gemeen kunstje

“Over het algemeen heb ik een goede relatie met de roddelbladen. Je bent publiek bezit, zelfs de kinderen zijn ermee opgegroeid. Ik heb de kinderen ook nooit achtergehouden. Dan verstoppen de fotografen zich in een vuilnisbak en wat krijg je dan voor foto’s? Het scheelt dat we niets te verbergen hebben, ik heb niet nog ergens een andere vrouw ofzo. Toen het elf jaar geleden zakelijk even niet goed ging, gebeurde er wel iets raars. Er werden nare verhalen geschreven die niet klopten en we hadden geen idee waar ze vandaan kwamen. Het bleek een vriend te zijn van de zakenpartner waar we mee in de clinch lagen. Een faillissement, lees je overal, maar eigenlijk heeft deze zakenpartner gewoon een heel gemeen kunstje uitgehaald. Hij heeft alles afgepakt wat ik had opgebouwd. Het bijzondere was: de zaken liepen hartstikke goed. We hadden in Spanje een nieuw theater geopend en tijdens elke show was de zaal gevuld. We zijn gewoon pootje gelicht, een heel gemene truc. Ik was er zelf bij en ben dom en naïef geweest. Buiten dat al het geld was verdwenen hadden we ook geen huis meer en was onze toekomst afgepakt. De droom van samen met de kinderen optreden in ons eigen theater was aan diggelen. Daar was ik wel even naar van.”

Rocky Balboa

“Als zoiets je overkomt, val je terug op je familie. Oscar had net een film gezien met Sylvester Stallone, over bokser Rocky Balboa. Hij vertelde dat daarin wordt gezegd: ‘Het gaat er niet om hoe hard je kunt slaan, maar om hoe goed je kunt incasseren.’ Dat zette me aan het denken: waarom liet ik me neerslaan? Ik zei tegen mezelf: ‘Kom op, Kazàn. Stel je niet zo aan.’ Voorzichtig ben ik weer opgekrabbeld, met hulp van Wendy en de kinderen. Er is geen handleiding voor hoe je de draad weer moet oppakken, je leert het door weer door te gaan. Ik besefte dat ik een fout had gemaakt, dat ik deze zakenpartner te veel vertrouwen had gegeven. Dat iemand andere belangen heeft en iets in zijn eigen zak steekt, dat kende ik niet. In mijn familiekring is vertrouwen heel normaal en dat verwachtte ik van anderen ook. Ik ben daarna voorzichtiger geworden. Niet wantrouwig, maar minder naïef. Vroeger sprong ik bij wijze van spreken gewoon in het water en zag ik onder water wel of er een rots was die ik over het hoofd had gezien. Dat doe ik niet meer. Maar verzuurd ben ik niet. Zelfmedelijden vind ik net zo’n vervelende eigenschap als tegen jezelf opkijken. Het gaat om de gulden middenweg. Verzamel alles wat je hebt eens in je handen en bedenk dan: waar zeur ik over? Ik besef wel dat ik dat makkelijk kan zeggen omdat we zo close zijn als familie én omdat we geestelijk en lichamelijk gezond zijn. Als dat fout gaat, verandert alles.”

Gevulde zeeroverskist

“De hele financiële administratie heb ik inmiddels overgedragen aan Wendy. Zij vindt het ook geen leuke klus, maar ze wil dat ik me kan focussen op optreden. Daar word ik blij van. En Wendy wil een blije man, dus zo is het voor iedereen goed. Cijfers interesseren me niet. Geld ook niet. Ik heb geen flauw benul wat er nu op mijn bankrekening staat. Het zullen geen miljoenen zijn, haha. Vanochtend was mijn portemonnee leeg en dan stopt Wendy er weer wat in. Soms droom ik van zo’n zeeroverskist met een bolle klep, waar ik dan af en toe wat uit kan pakken om een kopje koffie te drinken of iets leuks te kopen. Voor de rest denk ik niet na over geld. Dat klinkt misschien onverstandig, maar ik heb gelukkig Wendy aan mijn zijde. Ik ben niet achterlijk, ik wil gewoon niet dat het andere dingen gaat beïnvloeden. Als ik een decor wil hebben met palmbomen en gouden lijsten, dan wil ik daar vrij over kunnen nadenken. Niet bij voorbaat al weten: dat kan toch niet. Misschien kan het financieel uiteindelijk ook niet, maar dan word ik in elk geval niet beperkt in het bedenken van nieuwe acts. Beslissingen neem ik op gevoel. Ik doe iets omdat ik het leuk vind, als ik er nog wat mee verdien is dat mooi meegenomen. De kinderen denken meer na over hun financiën dan ik. Een huis kopen, hypotheken, geld opzij leggen – daar zijn zij meer mee bezig. Ze bouwen allemaal aan hun eigen bedrijven en hebben heel verstandige partners. Dat geeft me een gerust gevoel.”

Dronken schaapherders

“65, ook met dat getal heb ik niets. Ik weet alleen dat je dan bijna AOW krijgt, dat zie ik als een cadeautje. Maar ik ben nog niet bezig met mijn pensioen. Mijn werk is mijn hobby en andersom. Ik stop pas als ik in een kistje lig. Vroeger vond ik mensen van 65 oud, nu vind ik alleen ándere mensen van 65 oud, haha. Wel tellen alle jaren voor ons nu dubbel, zo voelt het. Wendy en ik willen zoveel mogelijk bij elkaar zijn. Daar worden we gelukkig van. In Spanje passen we ook vaak op de kleinkinderen als hun ouders weg zijn voor werk. We wonen aan een snelstromend beekje en beneden bij de boom is een dieper deel waar je kunt zwemmen. Er zitten veel schildpadden, vissen en kikkers. Zo mooi om te zien hoe de kinderen opgaan in die beestjes en eindeloos lang kunnen wachten tot ze een visje hebben gevangen. Als je dan na zo’n dag de paarden in de vallei ziet lopen en dronken schaapherders in de verte hoort zingen, dan besef ik dat we het goed hebben. Dat we over la calidad de la vida, de kwaliteit van leven, helemaal niets te klagen hebben.”

Hans Kazàn

Hans Kazàn (1953) begon met goochelen toen hij op 9-jarige leeftijd een goocheldoos van Sinterklaas kreeg. Hij produceert al jarenlang zijn eigen magic shows voor theater en televisie. Begin jaren negentig presenteerde hij het tv-programma Prijzenslag. Kazàn is getrouwd met Wendy en heeft vier volwassen kinderen – Oscar, Renzo, Steven en Lara – en kleinkinderen. De twee oudste zonen en Renzo’s partner Mara treden wereldwijd op met hun illusieshow Magic Unlimited. Steven is comedian en staat regelmatig samen met zijn vader op het podium. Lara heeft een vastgoedbedrijf. Kazàn verruilde in 1999 het Overijsselse Bathmen voor de Spaanse zuidkust. Hij zette er een eigen theater op, maar zakelijk liep het in 2007 mis. Niet snel daarna begon de familie weer met optreden. Kazàn is inmiddels behalve goochelaar en presentator ook gastspreker. Kijk voor meer informatie op www.kazan.nl.

Hans Kazàn