De positie van de cliënt in de Wmo moet versterkt worden
De Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) biedt diverse mogelijkheden om zorg op maat te bieden in de thuissituatie. De uitvoering ervan op lokaal niveau blijkt echter nog verre van optimaal te zijn en dient verbeterd te worden. De cliëntenorganisaties ANBO, CSO, LOC-LPR en de brancheorganisaties ActiZ en BTN stellen gezamenlijk de volgende oplossingen voor om onder andere de positie van de cliënt in de Wmo te versterken: - Voldoende mogelijkheden voor de cliënt om te kiezen uit zoveel mogelijk zorgaanbieders;
- keuze tussen een persoonsgebonden en persoonsvolgend budget;
- partijen stellen gezamenlijk normen op waar de Wmo-producten aan moeten voldoen.
Daarbij is een landelijk traject noodzakelijk om ervoor te zorgen dat de gemeenten de Wmo gaan uitvoeren zoals die door de wetgever is beoogd.
- Er worden afspraken gemaakt met de Vereniging van Nederlandse Gemeenten en het Ministerie van VWS over de ontwikkeling en invoering van een nieuwe modelverordening. Daarin worden onder andere afspraken gemaakt over de wijze van indicatiestelling.
- De goed presterende gemeenten (best-practises) worden zichtbaar gemaakt, en deze kennis en ervaring moet beschikbaar komen voor alle gemeenten.
- Er komt flankerend beleid om te zorgen dat zorgorganisaties hun personeel in dienst kunnen houden.
Klik HIER voor de volledige tekst.
Bron: ANBO voor 50-plussers, CSO, LOC-LPR, ActiZ en BTN, 18 april 2008
| Themadossier Wmo 2008 > Zoek meer | |



